1. ‘Toch fijn dat de wedstrijd zo vroeg is begonnen, dan heb je ten minste nog
iets aan de middag’, zegt F. na afloop. Dan heb je er dus niks van begrepen. Helemaal
niets valt er meer aan de middag te hebben. En aan de avond ook niet. Elk
plezier dat nog aan deze dag te beleven zou zijn, wordt vergald door de
gedachte aan de goal van die Mexicaanse huilebalk. En anders wel door de
gedachte aan die Maasbrachtse huilebalk. ‘Een topcoach’, aldus F. In mijn ogen
acteert hij vooralsnog slechts een topcoach.
2. De druiven zijn zuur? Ja, de druiven zijn zuur, ik kan het niet ontkennen. Heel
m’n leven heb ik al een godsgruwelijke hekel aan PSV.
Zum kotzen, dat kleinburgerlijke, dat bekrompene, dat minderwaardigheidscomplex,
dat zich eeuwig en altijd tekort gedaan voelen dat bekendstaat onder de naam
calimerocomplex. De pot verwijt de ketel dat hij zwart ziet? Misschien wel. Ben
er ook niet trots op, maar wat doe je eraan?
3. Waarmee het gevoel dat de rest van deze dag bezit van me zal hebben te
vergelijken valt? Op de terugweg in de auto in gesprek met F. m’n frustraties de
vrije loop latend, wist ik het ineens: met het gevoel dat me steevast na verkiezingen
bekruipt. Ook dan is er vooraf de hoop dat het ditmaal anders zal gaan, het
dromen van de overwinning, het visioen van een mooiere toekomst. En dan, als de
stembussen zijn gesloten en de eerste uitslagen binnendruppelen, altijd weer
die doffe dreun als blijkt dat het CDA godverdegodver wéér niet is weggevaagd. Diepe
treurnis in m’n hoofd, die er voorlopig niet uit verdwijnt.

4. ‘Ach, weet je, de dag dat VVV weer eens van PSV wint, komt steeds
dichterbij.’ F. zei het niet. F. had het wel kunnen zeggen, want F. is de
beroerdste niet. F. zou me er ook niet mee hebben opgevrolijkt. F. zou me wel
aan het denken hebben gezet, want altijd als ik die redenering hoor, vraag ik
me af of ze wel klopt. Hoewel wat F. zegt meestal wel klopt. Maar niet dus dat
die Maasbrachtse huilebalk een topcoach is.
5. Positieve noot: het bleef de hele wedstrijd droog (‘Behalve in het doel van
VVV’, had de man schuin achter me kunnen zeggen – maar hij zei het niet, hij
beperkte zich tot het uitentreuren benadrukken van de tekortkomingen van Ralf
Seuntjens).
6. Wat me verder zal bijblijven: het jongetje dat een half uur voor het begin
van de wedstrijd bij het betreden van de toiletten tegen z’n vader zegt ‘Het
ruikt hier naar aardappelen’.
7. Fijne avond nog.